Misschien ken je ze nog van vroeger: van die ouderwetse autokerkhoven waar de wrakken van afgedankte auto’s metershoog lagen opgestapeld. Er gebeurde niet veel mee, ze lagen daar te roesten en dat was het wel zo ongeveer. Af en toe kwam er eens iemand langs die over de wrakken klauterde om te zien of er ergens een auto was met een onderdeel dat hij kon gebruiken om zijn eigen auto mee te repareren. Soms verdwenen er wat auto’s in een metaalpers om vervolgens in de verbrandingsoven te belanden. Als een autokerkhof werd ontruimd, dan bleef er een stuk grond achter dat sterk was vervuild door olie en brandstof. Vandaag gaat het er bij autodemontagebedrijven heel anders aan toe. De handel in tweedehands auto-onderdelen is dan ook een lucratieve business tegenwoordig.
Wie tegenwoordig een reparatie aan de auto laat uitvoeren weet dat de kosten vaak erg hoog zijn. Onderdelen zijn duur en het arbeidsloon voor de monteur liegt er vaak ook niet om. Veel garagebedrijven willen hun klanten tegemoet komen en gaan daarom op zoek naar Citroën tweedehands onderdelen, of voor welk merk dan ook. Dit scheelt vaak aanzienlijk in de kosten. Autosloperijen spelen hier handig op in door ervoor te zorgen dat ze dit soort onderdelen op voorraad hebben. Niet op een autokerkhof waar ze liggen weg te roesten. Maar netjes gedemonteerd en schoongemaakt en gemakkelijk te vinden in een magazijn. Wie vandaag de dag een autodemontagebedrijf benadert, krijgt vaak direct antwoord op de vraag of een bepaald onderdeel op voorraad is. En als het beschikbaar is dan kan het worden opgehaald of opgestuurd.
Auto’s worden om twee redenen afgedankt. Soms gaat het om een schadeauto die total loss is of het gaat om een oudere auto die zodanige gebreken vertoont dat repareren niet meer rendabel is gezien de dagwaarde. Dit soort auto’s wordt opgekocht door Auto Snuverink. Zij betalen een reële prijs aan de eigenaar op basis van merk, type en de staat waarin de auto verkeert. Vervolgens wordt de auto gedemonteerd en worden alle nog bruikbare onderdelen schoongemaakt en opgeslagen. Wat er overblijft gaat alsnog in de verbrandingsoven, al komen er steeds betere technieken om ook grondstoffen zoals kunststof en metaal opnieuw te gebruiken. Zodoende gaat er steeds minder verloren van een auto die wordt afgedankt door de eigenaar.
Er komen steeds meer elektrische auto’s op de weg in Nederland. Die zijn nu nog vrij nieuw, maar er komt een tijd dat ook die steeds vaker bij een autodemontagebedrijf belanden. Een probleem daarbij is vaak wel dat zo’n auto bij brand bijna niet te blussen is en er dus ook niet of nauwelijks nog bruikbare onderdelen vanaf kunnen worden gehaald. Vaak wordt een brandende elektrische auto in een grote container met water ondergedompeld om hem te blussen. Dit is uiteraard funest voor zo ongeveer elk onderdeel in de auto.